Het aantal gebruikers voor de indicatie parkinson wordt geschat op 64.000
Nederlandse openbare apotheken verstrekten in 2025 aan ongeveer 99.000 mensen een parkinsonmiddel. Deze middelen kunnen zowel bij de ziekte van Parkinson als bij het Restless Legs Syndrome worden toegepast. Het aantal gebruikers voor de indicatie parkinson wordt geschat op 64.000. Aldus de SFK in het Pharmaceutisch Weekblad.
Openbare apotheken verstrekten in 2025 aan circa 99.000 mensen een parkinsonmiddel. Een aantal van deze middelen (dopamine-agonisten; ropinirol en pramipexol) is geregistreerd voor zowel de ziekte van Parkinson als het Restless Legs Syndrome. Toedieningsvormen met gereguleerde afgifte worden doorgaans gebruikt bij de ziekte van Parkinson, niet bij Restless Legs Syndrome. SFK rekent patiënten die ropinirol en pramipexol gebruiken tot de indicatie parkinson als zij dit via een toedieningsvorm met gereguleerde afgifte hebben ontvangen of als zij naast deze middelen ook andere parkinsonmedicatie gebruiken.
Restless Legs Syndrome
Restless Legs Syndrome, ook wel rusteloze benen, treedt op vanaf middelbare leeftijd. In 2025 kregen op basis van inschatting van de SFK zo’n 35.000 patiënten een parkinsonmiddel voor Restless Legs Syndrome; 69% was vrouw. De grootste groep patiënten bevindt zich in de leeftijd 71-80 jaar.
Ziekte van Parkinson
De SFK schat in dat in 2025 circa 64.000 patiënten parkinsonmedicatie gebruikten voor de indicatie parkinson, 60% was man. De behandeling van de ziekte van Parkinson is afhankelijk van onder meer de leeftijd van de patiënt, de aanwezige symptomen en levensverwachting. Patiënten jonger dan 40 starten vaak met een dopamine-agonist of een MAO-B-remmer. Patiënten ouder dan 40 jaar starten doorgaans met levodopa in combinatie met een decarboxylaseremmer. Bij toenemende klachten kan de dosering worden aangepast of kunnen middelen worden toegevoegd, zoals COMT-remmers of amantadine.
13.000 patiënten gebruikten middelen uit meerdere geneesmiddelgroepen
In 2025 werden de levodopa-combinaties veruit het meest verstrekt, aan 48.000 patiënten (75% van de parkinsonpatiënten). Ongeveer 14.500 patiënten (23%) gebruikten een dopamine-agonist en circa 650 patiënten een MAO-B-remmers.
Bijna 13.000 patiënten, 13% van de parkinsonpatiënten, gebruikten middelen uit meerdere geneesmiddelgroepen. Gelijktijdig gebruik van een levodopa-preparaat met een dopamine-agonist kwam het meest voor; deze werd verstrekt aan 7500 mensen.
Bron: SFK
/a_650_1467.jpg)
/H325_IST_24519_164786.jpg)
/a_650_1829.jpg)
/a_650_1844.jpg)
/e_650_0106.jpg)
/G_650_128.jpg)
