Mede door overheidsbeleid, dat inzet op het langer thuis laten wonen van ouderen, kan en wil deze generatie ouderen een andere vorm van zorg ontvangen

Het aantal ouderen dat in een verpleeghuis verblijft neemt af, terwijl de zorg buiten de muren van een instelling flink groeit. Deze ontwikkeling dwingt zorgaanbieders om opnieuw te kijken naar wat de huidige zorgvraag behoeft. Verpleeghuizen zouden hun locaties kunnen vernieuwen zodat deze beter aansluiten op de behoeften.

De ouderenzorg is flink aan het veranderen. Mede door overheidsbeleid, dat inzet op het langer thuis laten wonen van ouderen, kan en wil deze generatie ouderen een andere vorm van zorg ontvangen. Waar voorheen veel ouderen terecht kwamen in het verpleeghuis, ontvangen steeds meer ouderen zorg buiten de muren van een instelling. Deze ontwikkeling gaat in tegen het langverwachte dominante beeld dat de verpleeghuizen overweldigd zouden worden met zieke ouderen als gevolg van de vergrijzing.

Het aantal ouderen met een langdurige zorgindicatie groeit al jaren. Tegelijkertijd neemt het aandeel ouderen in een verpleeghuis op het totaal aantal ouderen met een langdurige zorgvraag al langer af. Sinds twee jaar neemt ook het absolute aantal ouderen in een verpleeghuis af, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor Statistiek. Het aantal ouderen dat verblijft in het verpleeghuis daalt al twee jaar licht, van 127.005 ouderen in 2023 naar 125.340 in 2025.

Tegelijkertijd is te zien dat steeds meer zorg extramuraal – buiten de muren van een instelling – geleverd wordt, blijkt uit de landelijke monitor van Zorgverzekeraars Nederland. Het Volledig Pakket Thuis (VPT) is een leveringsvorm van extramurale zorg, eveneens als het Modulair Pakket Thuis (MPT) en het Persoonsgebonden Budget (PGB). De zorg wordt vaak bij ouderen thuis geleverd, al kan de zorg ook geleverd worden in een geclusterde omgeving waarbij de oudere de woning zelf betaalt, zoals bij een kleinschalige woonzorgvorm of een seniorenflat. In de periode van 2020 tot 2025 verdubbelde bijna het aantal ouderen dat gebruik maakte van extramurale zorg in een geclusterde omgeving naar ruim 20.000 ouderen. In dezelfde periode groeide het aantal ouderen dat extramurale zorg thuiskreeg met een factor van 1,5 naar bijna 66.000 ouderen.

Lees ook: kleinschalige woonzorgaanbieders zijn groot geworden

Het is overigens maar de vraag of de hiervoor aangegeven trends zich doorzetten. Ondanks de succesvolle inzet van extramurale zorg gaan de leveringsvormen van de extramurale zorg, het Volledig Pakket Thuis en Modulaire Pakket Thuis, namelijk veranderen per 2028. Vooral de vergoeding voor Volledig Pakket Thuis was ruim. In het licht van ‘passende zorg’, waarbij de overheid tot doel heeft dat niet meer zorg wordt geleverd dan nodig, worden de leveringsvormen VPT en MPT samenvoegd tot een nieuwe leveringsvorm. De overheid beoogt hiermee een besparing te behalen van ongeveer 10 procent van de huidige uitgaven. Voor de nieuwe leveringsvorm loopt al een experiment onder de naam ‘Passend Pakket Thuis’. De precieze uitwerking van de nieuwe leveringsvorm zal bepalend zijn voor hoe en vooral waar – in het verpleeghuis, thuis, of in een geclusterde omgeving – de ouderen zorg willen ontvangen.

Lees ook: minder zorg voor kwetsbare ouderen

Leegstand bij verpleeghuizen diverse oorzaken
De ontwikkeling waarbij meer ouderen extramuraal zorg ontvangen en minder intramuraal, heeft al tastbare gevolgen voor de bezetting van verpleeghuizen. Sommige verpleeghuizen kampen met leegstaande kamers. Wel verschilt dit sterk per regio, zoals blijkt uit onderzoek van zorgkantoor Zilveren Kruis. Zo lijkt de leegstand in de regio’s Utrecht en Apeldoorn-Zutphen tot 2030 structureler van aard, terwijl de leegstand in regio’s Drenthe en Kennemerland meer tijdelijk lijkt.

Leegstand is geen onbekend fenomeen in verpleeghuizen. Sterker nog, met een deel leegstand wordt altijd rekening gehouden. Omdat de meeste ouderen in een verpleeghuis sterven en daar niet altijd direct een nieuwe persoon voor in de plaats komt, staan altijd tijdelijk kamers leeg. Deze zogeheten frictieleegstand bedraagt enkele procenten. Toch is de leegstand sinds twee jaar aanzienlijk hoger dan die frictieleegstand; in sommige regio’s loopt het leegstandspercentage al richting de 8 procent.

De oorzaken van leegstand zijn divers, zoals hierboven al is aangestipt. De overheid stuurt al langer op het langer thuis laten wonen van ouderen, mede om de verpleeghuiscapaciteit beschikbaar te houden voor kwetsbare ouderen. Daarom heeft de overheid het aanbod voor zorg thuis gestimuleerd en daar hebben nieuwe zorgaanbieders actief op ingespeeld. Ouderen met een langdurige zorgvraag hebben tegenwoordig meer alternatieven voor het verpleeghuis, zoals intensieve thuiszorg of het wonen op een kleinschalige woonzorglocatie.

Bovendien kampen veel verpleeghuizen met verouderd vastgoed, wat ouderen met een langdurige zorgvraag kan weerhouden om in een verpleeghuis te willen wonen. Uit onderzoek van ABN AMRO en Cobouw blijkt dat bijna 64 procent van de verpleeghuizen geen energielabel heeft, wat kan duiden op achterstallig vastgoed. Ook oversterfte van de corona en personeelstekorten spelen een rol in onderbezetting van de kamers.

Lees ook: het vastgoed van de langdurige zorg vereist verzorging

Daarnaast blijkt uit onderzoek van economievakblad ESB dat de verblijfsduur van ouderen in verpleeghuizen in tien jaar tijd met 8 procent is afgenomen. In 2012 was de gemiddelde verblijfsduur 930 dagen, terwijl dit in 2022 nog maar 853 dagen was. Zorgkantoren kopen verder ook nauwelijks meer verpleegplekken in voor ouderen met een zorgzwaarteprofiel 4, een relatief lichtere zorgvraag, waardoor deze ouderen nu zorg thuis krijgen in plaats van in een verpleeghuis. Enerzijds leidt dat tot minder instroom in een verpleeghuis, anderzijds zijn de ouderen in het verpleeghuis er ‘slechter’ aan toe op het moment dat ze worden opgenomen en overlijden ze sneller. De bezetting van de kamers op peil houden is daardoor lastiger.

Verpleeghuizen aan zet om capaciteit te borgen voor de toekomst
De regionale zorgkantoren en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) stellen duidelijk dat zorgaanbieders geen vergoeding krijgen over leegstaande kamers. Verpleeghuizen met structurele leegstand kunnen hierdoor financieel geraakt worden. Daarom zijn verpleeghuizen aan zet om actie te ondernemen om de leegstand te verminderen.

De leegstaande kamers kunnen op verschillende manieren ingezet worden. Zo kunnen aanbieders de verouderde kamers vernieuwen en verduurzamen. Uit signalen blijkt dat ouderen liever naar moderne verpleeghuizen verhuizen dan naar verpleeghuizen in verouderde staat. Zorgaanbieders kunnen ook de ruimtes ombouwen naar zelfstandige studio’s, waar bijvoorbeeld zorg extramuraal geleverd kan worden, waar studenten zich kunnen huisvesten, of waar asielzoekers tijdelijk opgevangen worden. Ook kunnen zorgaanbieders lege vleugels ombouwen tot eigen kleinschalige woonzorglocaties om ouderen met een lichtere zorgvraag aan zich te binden.

Lees hier het rapport 'Stand van de Zorg - Juni 2026'

Bron: ABN-AMRO