Sinds 2019 ontvangen vrouwen tijdens de zwangerschap een vaccinatie voor hun ongeboren kind, bekend als de 22-weken-prik
22-wekenprik kan wereldwijd levens redden
Het vaccineren van vrouwen tijdens hun zwangerschap leidt tot de overdracht van antistoffen tegen kinkhoest naar hun pasgeboren baby. De antistoffen komen niet alleen in het bloed terecht, maar ook in het neusslijmvlies. Dat toont internationaal onderzoek van Radboudumc aan. ‘Dat deze antistoffen het neusslijmvlies bereiken is niet eerder aangetoond, en onderstreept hoe effectief deze vaccinatie is.’
Sinds 2019 ontvangen vrouwen tijdens de zwangerschap een vaccinatie voor hun ongeboren kind, bekend als de 22-weken-prik. ‘Deze vaccinatie geven we om baby’s direct na de geboorte te beschermen tegen kinkhoest. De eerste weken zijn baby’s heel kwetsbaar en nog te jong om zelf gevaccineerd te worden. Daarom vaccineren we de moeder al tijdens de zwangerschap’, legt immunoloog Dimitri Diavatopoulos van het Radboudumc uit. Antistoffen van de moeder gaan via de placenta naar de baby, en dit onderzoek laat nu zien dat deze ook het neusslijmvlies bereiken - precies waar de bacterie het lichaam binnenkomt.
Belang van vaccineren
Kinkhoest is in Europa redelijk onder controle, maar wereldwijd nog een dodelijke ziekte. Jaarlijks overlijden 200.000 tot 300.000 mensen aan kinkhoest, vooral jonge baby’s in landen met een laag of middeninkomen waar de vaccinatiegraad soms lager is. Aan de studie van het Radboudumc en Medical Research Council in Gambia deden 343 moeders en baby’s mee, waarbij de helft van de zwangeren het kinkhoestvaccin kreeg. ‘Moeders die tijdens de zwangerschap dit kinkhoestvaccin kregen, gaven via de placenta antistoffen door die daadwerkelijk in het neusslijmvlies van de baby terechtkwamen’, zegt Diavatopoulos.
Afweerreactie verschilt per type vaccin
Het onderzoek laat ook zien dat baby’s die na 8, 12 en 16 weken een hele-cel kinkhoestvaccin kregen, gemiddeld een sterkere afweerreactie ontwikkelden dan baby’s die een acellulair vaccin kregen. ‘Een hele-cel-vaccin bevat de complete, onschadelijk gemaakte kinkhoestbacterie bevat, terwijl een acellulair vaccin alleen enkele onderdelen van de bacterie bevat’, legt Diavatopoulos uit. ‘Acellulaire vaccins geven meestal minder bijwerkingen, maar zorgen vaak ook voor een minder langdurige bescherming. Onze onderzoeksresultaten suggereren dat hele-cel vaccins de afweer op langere termijn beter kunnen ondersteunen’, zegt Janeri Fröberg, postdoctoraal onderzoeker aan het Radboudumc.
In Nederland wordt sinds 2005 het acellulaire vaccin gebruikt, terwijl in veel landen met een laag of middeninkomen, nog het hele-cel vaccin wordt toegediend. De onderzoekers benadrukken dat vervolgonderzoek nodig is om te bepalen wat dit precies betekent voor de klinische bescherming en het vaccinatiebeleid in verschillende landen.
WHO: behoud hele-cel-vaccin
Voor Nederland benadrukt dit onderzoek opnieuw het belang van de 22-wekenprik: die biedt baby’s direct bescherming in de meest kwetsbare periode. Voor landen met een laag of middeninkomen, waar de meeste sterfte plaatsvindt, laten de resultaten zien dat het invoeren van een kinkhoestvaccinatie tijdens de zwangerschap levens kan redden. En voor landen die nog hele-cel vaccins gebruiken, sluiten de resultaten aan bij het advies van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) om deze vaccins te behouden, omdat ze mogelijk een langduriger afweer opbouwen.
Bron: Radboudumc
/a_650_1317.jpg)
/H325_IST_19382_08519.jpg)
/H325_IST_19382_07682.jpg)
/H325_ING_19064_12050.jpg)
/f_650_0086.jpg)
/a_650_1527.jpg)
/f_650_0100.jpg)
/G_650_222.jpg)
/a_650_1396.jpg)
